Deze handleiding legt u gedetailleerd uit hoe u gebruikt
kunt maken van YAHT.
YAHT staat voor "Yet Another Helpdesk Tool".
YAHT is de fusie van de beheertool YACM (Yet Another Configuration Manager) en
het incidentenbeheersysteem OMG (Omnicom Management Gadgets).
Deze handleiding is logisch opgedeeld met dezelfde
onderdelen als de website te bieden heeft.
In dit gedeelte van de handleiding zullen we verder ingaan
op het beheren van de incidenten.
Behandeld wordt hoe een nieuw incident toe te voegen, hoe de eigenschappen
van een bestaand incident te wijzigen, en hoe te zoeken op een bestaand
incident.
Het verwijderen van een incident is niet mogelijk, omdat zoveel mogelijk data
moet blijven bestaan.
Incidentenbeheer is apart opgenomen als het eerste onderdeel van de site, omdat
dat het meest voor de hand liggende is.
Om een nieuw incident toe te voegen, volgt u de volgende
stappen.
Ga naar het incidentenbeheer door op Incidenten te klikken.
U krijgt nu het incidentenbeheer te zien.
Klik nu op de knop Call toevoegen of klik op Nieuw.
Selecteer de gebruiker van het incident en klik
vervolgens op de knop Volgende.
Bepaal of het over een item of een set gaat en klik op de bijbehorende radiobox.
U krijgt nu het formulier te zien waarmee u de item of set kunt selecteren.
Klik
vervolgens op de knop Volgende om verder te gaan of op Vorige om
terug te gaan.
Voer nu alle gegevens van het incident in de bijbehorende velden in.
U kunt het probleem en actie veld vullen met bestaande faqs door
op de knop Selecteer uit Faq te klikken en dan op de faq te klikken die u
wilt gebruiken.
Als u de optie Toevoegen aan FAQ aanvinkt, betekent dat dat van de
gegevens van de velden probleem en actie
een nieuwe faq wordt gemaakt.
Klik
vervolgens op de knop Opslaan.
Het nieuwe incident is nu toegevoegd aan de database.
U wordt nu tevens doorgestuurd naar het incidentenbeheer.
Om de eigenschappen van een bestaand
incident te
wijzigen, volgt u de volgende stappen.
Ga naar het incidentenbeheer door op Incidenten te klikken.
U krijgt nu het incidentenbeheer te zien.
Kies een Onderwerp uit het dropdown-menu.
Voer een Zoekterm in en klik op de knop Zoeken.
In de tabel worden de gevonden incidenten getoond.
Klik op de rij van het incident dat u wilt wijzigen.
U kunt nu het incident en zijn geschiedenis inzien.
Klik op de knop Bewerken.
U krijgt nu het formulier te zien waarmee u het
desbetreffende incident kunt wijzigen.
Gebruik de dropdown-menus om de verschillende eigenschappen te wijzigen.
Vul de velden probleem en actie in.
Druk op de knop Opslaan om het incident te wijzigen, of Annuleer om
niet op te slaan.
De gewijzigde velden zijn nu aangepast in de database.
U wordt nu tevens doorgestuurd naar het incidentenbeheer.
Om een openstaand incident te sluiten, volgt u de volgende stappen.
Ga naar het incidentenbeheer door op Incidenten te klikken.
U krijgt nu het incidentenbeheer te zien.
Kies een Onderwerp uit het dropdown-menu.
Voer een Zoekterm in en klik op de knop Zoeken.
In de tabel worden de gevonden incidenten getoond.
Klik op de rij van het incident dat u wilt sluiten.
U kunt nu het incident en zijn geschiedenis inzien.
Klik op de knop Sluiten.
U krijgt nu het formulier te zien waarmee u het
desbetreffende incident kunt sluiten.
Druk op de knop Opslaan om het incident te sluiten, of Annuleer om
niet te sluiten.
Het incident is nu gesloten.
U wordt nu tevens doorgestuurd naar het incidentenbeheer.
In dit gedeelte van de handleiding zullen we verder ingaan
op de beschikbare overzichten.
Aangegeven wordt wat deze overzichten weergeven.
Een overzicht van de items en sets.
In de tabel worden de aanwezigen items weergegeven.
Om de aanwezige sets weer te geven, vink de optie Configuratie aan en
klik op de knop Zoeken.
U kunt ook gericht zoeken door een zoekterm op te geven in het invoerveld.
Door te klikken op een rij in de tabel, gaat u naar het beheergedeelte dat erbij
hoort.
Ga naar beheer voor verdere uitleg.
Hetzelfde als standaard?
Hetzelfde als standaard?
Hetzelfde als standaard?
Een overzicht van de openstaande
incidenten.
In de tabel worden de aanwezige openstaande incidenten weergegeven.
De tabel is gesorteerd op datum, de oudste (langst openstaande) bovenaan.
Door te klikken op een rij in de tabel, gaat u naar het incidentenbeheer en
krijgt u het incident ter inzage.
Ga naar incidentenbeheer voor verdere uitleg.
Een overzicht van de gesloten
incidenten met hun doorlooptijd.
In de tabel worden de aanwezige gesloten incidenten weergegeven.
Hier kunt u zien hoe lang het incident heeft opengestaan.
Door te klikken op een rij in de tabel, gaat u naar het incidentenbeheer en
krijgt u het incident ter inzage.
Ga naar incidentenbeheer voor verdere uitleg.
Een overzicht van de aanwezige faqs.
In de tabel worden de aanwezige faqs weergegeven.
Bij het toevoegen van een incident zijn deze te gebruiken.
In dit gedeelte van de handleiding zullen we verder ingaan
op het beheren van de verschillende onderdelen.
Behandeld wordt hoe een nieuw onderdeel toe te voegen, en hoe de eigenschappen
van een bestaand onderdeel te wijzigen.
Het verwijderen van een onderdeel is niet mogelijk, omdat zoveel mogelijk data
moet blijven bestaan.
Het beheer gedeelte gaat op voor al de volgende onderdelen:
- Items
- Configuraties ( Conf )
- Locaties
- Status
- Categoriën
- Faqs
- Werknemers
- Gebruikers
Het toevoegen of wijzigen van desbetreffende onderdelen gaat op soortgelijke wijze, hieronder wordt uitgelegd hoe.
Let wel: het onderdeel Categoriën bestaat uit weer 2 onderdelen:
- Configuratie beheer systeem
- Incidenten systeem
Maakt u eerst een keuze uit deze 2 door op het bijbehorende radiobox te klikken om verder te gaan naar het desbetreffende beheergedeelte.
Voor het incidentenbeheer ga hier.
Om een nieuw onderdeel toe te voegen, volgt u de volgende
stappen.
Ga naar het beheergedeelte van het desbetreffende onderdeel door op beheer
en vervolgens op het desbetreffende onderdeel te klikken.
U krijgt nu het beheergedeelte van het desbetreffende onderdeel te zien.
Klik nu op de knop met het woord toevoegen. (bijv. Item toevoegen)
U krijgt nu het formulier te zien waarmee u het desbetreffende onderdeel kunt
toevoegen.
Voer nu alle gegevens van het onderdeel in de bijbehorende velden in en klik
vervolgens op de knop Opslaan.
Het nieuwe onderdeel is nu toegevoegd aan de database.
U wordt nu tevens doorgestuurd naar het beheergedeelte van hetdesbetreffende
onderdeel.
Als alles goed is gegaan ziet u hier nu het zojuist toegevoegde onderdeel
tussenstaan.
Om de eigenschappen van een bestaand onderdeel te
wijzigen, volgt u de volgende stappen.
Ga naar het beheergedeelte van het desbetreffende onderdeel door op beheer
en vervolgens op het desbetreffende onderdeel te klikken.
U krijgt nu het beheergedeelte van het desbetreffende onderdeel te zien.
In de tabel zijn de aanwezige onderdelen te zien.
Klik op de rij van het onderdeel dat u wilt wijzigen.
U krijgt nu het formulier te zien waarmee u het
desbetreffende onderdeel kunt wijzigen.
Wijzig elke eigenschap dat u wilt (en kunt) wijzigen door de tekst van het
bijbehorende veld te veranderen.
In sommige gevallen kunt u alleen bepaalde opties
kiezen, klik daarvoor op het veld om het dropdown-menu te laten zien en uw keuze
te maken door op uw keuze te klikken.
In enkele gevallen is er ook een "waar" of "niet waar" optie
dat wordt aangegeven met een checkbox.
Als deze optie aangevinkt is betekent het "waar".
Als u klaar bent met wijzigen drukt u op de knop opslaan om de
wijzigingen toe te passen.
De gewijzigde velden zijn nu aangepast in de database.
U wordt nu tevens doorgestuurd naar het beheergedeelte van hetdesbetreffende
onderdeel.
Als alles goed is gegaan ziet u hier nu het zojuist gewijzigde onderdeel met
zijn nieuwe eigenschappen.